Keuzegids Hbo 2019 | www.keuzegids.org

Flexibel en snel: kan dat?

Mantelzorg, topsport, een drukke baan of een functiebeperking: in zulke gevallen is fulltime studeren heel lastig. Maar hoe moet dat dan als je wel wil blijven leren? Daarvoor zijn er deeltijdopleidingen, en tegenwoordig ook steeds meer andere flexibele studievormen.

Steeds minder deeltijdstudies
Het lijkt simpel om vanuit een hogeschool ook deeltijdonderwijs te bieden. Je dikt je studieprogramma in, zet ’s avonds wat lokalen open, laat geschikte docenten extra uren draaien en klaar is Kees. De overheid betaalt mee en je kunt leveren tegen een laag collegegeld.

Toch is dit onderwijsmodel gaan knellen. De studentenaantallen werden kleiner, want bijna half Nederland was al hoog opgeleid. Er werden vaker mensen met incomplete vooropleiding toegelaten. Dat vroeg om maatwerk, maar daar waren opleidingen vaak niet op ingesteld. Tegelijk wilden bedrijven groepen medewerkers bijgeschoold hebben. Ook dat vroeg om meer flexibiliteit.

Voor de reguliere hogescholen werd het deeltijdonderwijs duurder, maar leverde het minder op. En toen besloot de overheid ook nog eens om ‘tweede studies’ niet meer te financieren, zodat het collegegeld voor veel deeltijdstudenten sterk verhoogd werd. Gevolg: nog minder studenten.

Geen wonder dat hogescholen veel deeltijdopleidingen hebben stopgezet. Alleen bij de opleidingen voor leraren en gezondheidswerkers – waar het collegegeld laag bleef - zie je nog flinke studentenaantallen. Het economische en sociale deeltijdonderwijs is flink gekrompen.

TV-reclames
Tegelijk was er een opmars van commerciële cursussen “op hbo-niveau” en later ook van bacheloropleidingen. De overheid stond toe dat ze officieel erkend werden en zo kwamen er vele deeltijdopleiders.

Een eerste type zijn kleine instituten, gericht op één of enkele vakgebieden. Ze kennen hun markt goed, presenteren zich als echte specialisten en durven een flink collegegeld te vragen. Maar dan heb je ook wat.

Het tweede soort opleiders is van vele markten thuis en leidt op voor zowel leraar als accountant of HR-manager. Vaak bieden ze landelijk onderwijs aan en ze prijzen zich aan met marketingcampagnes op TV en online. We hebben het over partijen als LOI, NTI en NCOI. Het collegegeld bij de eerste twee is weinig hoger dan bij een reguliere hogeschool. Bij NCOI is het meer, tot wel zevenduizend euro per jaar.

Door de commerciële hogescholen is het aanbod aan deeltijdonderwijs op peil gebleven - in elk geval op papier. Maar er is wel één puntje: als het om openbare verantwoording gaat, liggen deze grote aanbieders achter.

Zo maken LOI en NCOI geen studentenaantallen bekend - en zeker geen cijfers over studiesucces. Bij geruchte hoor je wel eens dat maar tien procent (!) van alle studenten bij LOI een bachelordiploma haalt, maar controleren kan je dat niet. En of de uitvallers misschien wel enkele nuttige modules hebben afgerond, weten we evenmin. Ook laten LOI en NCOI hun studenten niet meedoen aan de Nationale Studentenenquête. NTI laat zich wel beoordelen door de studenten, maar erg positief pakt dat niet uit. De meeste studenten zijn weinig enthousiast over de onderwijskwaliteit bij deze deeltijdopleider.

Flexibeler
Eén ding werd de afgelopen jaren wel duidelijk. Het moet allemaal flexibeler, zodat allerlei soorten studenten aangepaste studiepaden kunnen krijgen om tot een vergelijkbaar eindresultaat te komen. 

Daarom heeft minister Bussemaker In 2016 een challenge uitgeschreven waarin alle universiteiten en hogescholen (ook de commerciële) plannen mochten indienen voor zulk flexibel deeltijdonderwijs. Uiteindelijk kregen zo’n vijftien instellingen samen tien miljoen euro om die plannen uit te voeren. 

Nu kunnen studenten bij instellingen als NHL Stenden, Fontys en Avans een flexibele deeltijdopleiding volgen. Er is geen vast onderwijsprogramma, maar er zijn verschillende modules die je ook los kunt volgen. Aan het begin van de opleiding stippel je met een studiecoach een route uit die helemaal is afgestemd op jouw wensen. 

Voor voltijdstudenten wordt er nu ook geëxperimenteerd met flexstuderen, waarbij je betaalt per vak. Van de hogescholen doen Windesheim en de Hogeschool Utrecht mee aan de pilot. Flexstuderen is wat duurder; voor 60 studiepunten betaal je ongeveer 200 euro meer dan voor de voltijdvariant. Maar voor studenten die een bestuursjaar willen doen, die een functiebeperking hebben of topsporter zijn is het een uitkomst. 

Een studievorm die al langer bestaat is de duale variant. Je combineert werken en leren en behaalt met allebei studiepunten. 

Keuring
Kan bij al die flexibilisering de kwaliteit van diploma’s nog wel gegarandeerd worden? Want deeltijdopleidingen die vroeger zes jaar duurden, kunnen nu al in vier en soms drie jaar afgerond worden. En dat met vaak maar een handvol lesuren per maand.

Zorgt de officiële keuringsinstantie NVAO hier voor genoeg dijkbewaking? Nou, niet altijd. Als een panel van experts een opleiding bezoekt die óók een deeltijdvariant heeft, gaat feitelijk haast alle aandacht uit naar de voltijdversie. Een strenge controle of de deeltijd­opleiding hetzelfde niveau haalt, schiet er vaak bij in.

Ook scholen waar deeltijd- of duaal onderwijs de hoofdmoot is, lijken er soms wat makkelijk van af te komen. Zo horen opleidingen elke zes jaar gekeurd te worden. Dat is al weinig, maar die termijn wordt wel eens flink opgerekt, soms wel tot tien jaar. Blijft al die tien naar de kwaliteit gegarandeerd?

Zo zijn er meer gevallen: bij een reeks ‘verkorte’ duale opleidingen van NCOI bleek in 2012 dat de feitelijke studielast maar iets meer dan de helft was van wat die zou moeten zijn. Ook de onderwijsinspectie schreef er een rapport over, maar de hete aardappel werd naar de minister geschoven. De wet zou geen duidelijke normen voor studielast bevatten, dus daar moest de politiek eerst iets aan doen. De NVAO gaf de opleidingen voorlopig voor drie jaar groen licht. Daarna werd het stil, maar intussen is de goedkeuring wel verlengd tot 2020 – ook weer tien jaar na het laatste bezoek van experts.

Gezond verstand
Als je in deeltijd wil studeren, kan je maar het beste zelf kritisch zijn. Zeker als een opleiding snel, kort en met weinig lesuren wordt aangeboden. Klinkt het te mooi om waar te zijn? Dan ís het waarschijnlijk ook te mooi om waar te zijn. Een kwestie van gezond verstand.

Gebruik verder de tabellen in deze Keuzegids: bij elke opleiding geven we in een aparte kolom aan of deze (ook) in deeltijd of duaal wordt aangeboden. Dat is handig opzoeken. Als je daarna naar onze kwaliteitsoordelen kijkt, besef dan dat die meestal de voltijdvariant van de opleidingen betreft. Toch zegt zo’n oordeel wel iets: als het programma, de docenten en de beroepsgerichtheid van een voltijdopleiding sterke punten zijn, is ook de deeltijdvariant vaak dik in orde.

Opleidingen die louter in deeltijd en/of duaal worden aangeboden, zetten we meestal in een aparte groep. Dat doen we dan inclusief speciaal kwaliteitsoordeel, áls de hogeschool daar tenminste aan heeft meegewerkt.

Keuzegids Hbo 2019 | www.keuzegids.org