Keuzegids Masters 2015 Online | www.keuzegids.org

Let op: deze Keuzegids is niet meer actueel. Bekijk de nieuwste versie

Wo Psychologie

Als je al uit het vakgebied komt, ligt een master psychologie voor de hand. Maar heb je een taalkundige, geneeskundige of biologische studie gedaan, dan is dit artikel ook voor jou zeker de moeite waard. Er zijn veel verschillende masters, vaak onderverdeeld in nog meer specialisaties. Het is dus zaak om je goed te oriënteren op de mogelijkheden en verschillen tussen de opleidingen.

Bekijk volledige afbeelding

   |    Kwaliteitszegel    |    Legenda
De mastervergelijker

Arbeidsmarkt

Het werk van een psycholoog is redelijk uniek in zijn soort. Dat zorgt ervoor dat afgestudeerden in vergelijking met andere sociaal-wetenschappers, vaker een baan op universitair niveau hebben. Maar het vinden van die baan blijkt in de praktijk best lastig. Het is dus niet onverstandig je zo veel mogelijk te specialiseren en te studeren voor je diagnostische aantekeningen. Het beroep van GZ-psycholoog biedt ook mogelijkheden, al moet je daarvoor wel een extra opleiding volgen.

De brede psychologiemasters

Dat psychologie een breed vak is, zie je terug in elke master in dit artikel. Daarom geven we je eerst een globaal overzicht van het aanbod, voordat we dieper ingaan op de inhoud van de studies.

Elke grote universiteit heeft een ‘gewone’ psychologiemaster, met vaak grote aantallen specialisaties die verderop in het artikel worden beschreven. Buiten die klassieke programma’s bieden veel universiteiten nog een of meerdere smallere programma’s aan. Gezondheidszorgpsychologie is aan de Radboud Universiteit bijvoorbeeld een specialisatie, maar aan de Universiteit van Amsterdam een aparte master. En de VU biedt een apart programma klinische ontwikkelingspsychologie, dat je ook als specialisatie kunt kiezen in de algemene master. Ook in de raakvlakken van psychologie met economie, communicatie en gezondheidszorg vind je trouwens masters of tracks: bijvoorbeeld medische psychologie (Tilburg), economic and consumer psychology (Leiden) en language and communication (Nijmegen).

De meeste universiteiten hebben in elk geval een track in de richting organisatiepsychologie, waarin je het gedrag van mensen in hun werksituatie bestudeert. Ook cognitieve, klinische en neuropsychologie zijn veelvoorkomende specialisaties. Ben je meer geïnteresseerd in de sociale gedragingen of ontwikkelingsprocessen van de mens, dan kun je bij de daarvoor bestemde specialisaties je hart ophalen. Gebruik de mastervergelijker op onze website om een overzicht te krijgen van alle programma’s.

De psychologiemasters selecteren hun studenten in veel gevallen zelf. Een drempelloze toelating zul je dus niet vaak tegenkomen, maar met een bachelor psychologie kom je een heel eind. Ga je je master aan dezelfde universiteit volgen als je bachelor, dan heb je bij sommige universiteiten een streepje voor. Wil je toegelaten worden tot een bepaalde track of specialistische master, dan is het vaak nodig dat je die specialisatie of specifieke vakken in je bachelor ook gevolgd hebt. Begin dus vroeg met plannen. Verder worden er, vooral bij de researchmasters, aanvullende eisen gesteld aan je gemiddelde cijfer en je kennis van statistiek. De meeste programma’s laten geen hbo-studenten toe, maar de universiteiten in Enschede, Leiden, Groningen, Maastricht en de OU (samen met Rotterdam) hebben daarvoor wel een schakelprogramma.

Of je nu praktiserend psycholoog wordt of onderzoeker, kennis van theorieën en methoden van onderzoek heb je in ieder geval nodig. Alle masters hebben dan ook ongeveer dezelfde verplichte vakken, voortbordurend op die uit de bachelor. Denk daarbij aan statistiek, methodevakken en vakken die je voorbereiden op het schrijven van je masterscriptie. Ook is het bij de meeste universiteiten mogelijk of verplicht om een onderzoeksstage te lopen, meestal in het kader van je masterscriptie. Die praktijkervaring kan je helpen een aantekening in de psychodiagnostiek te krijgen.

In tegenstelling tot de researchmasters en specialistische masters, zijn er binnen de algemene psychologiemasters geen echte hoogvliegers te ontdekken. Studenten zijn niet over alle aspecten van hun studie even lovend: ondanks (of misschien wel juist door) de goede wetenschappelijke vorming voelen ze zich niet voldoende voorbereid op een toekomstige loopbaan (Nijmegen uitgezonderd). Meer contacturen zou al kunnen helpen, want dat is geen sterk punt van deze masters.

Twee bijzondere opleidingen voeren de lijst aan. Studenten van de Open Universiteit zijn zowel inhoudelijk als organisatorisch erg tevreden. En ook studenten van de unieke Maastrichtse master human decision science tonen zich positief: de combinatie van bedrijfskunde, economie en psychologie binnen het programma weet hen te bekoren. Minder enthousiasme laten de studenten bij de klassieke universiteiten in Groningen, Leiden, Utrecht en Amsterdam (VU) zien. Gemeenschappelijk verbeterpunt is wat hen betreft het niveau bij deze masters.

Psychologie & gezondheid

De geestelijke gezondheidszorg is nog steeds het werkveld van veel psychologen en dat zie je terug in het opleidingsaanbod in deze hoek. De focus ligt bij deze masters op één van de klinische gebieden: neuropsychologie, ontwikkelingspsychologie, kinder- en jeugdpsychologie, forensische psychologie of een algemene variant. Je verdiept je in het ontstaan van afwijkende gedragingen en leert alles over diagnosestelling en interventies.

De praktijkgerichte benadering van Tilburg (medische psychologie, overigens ook het enige niet-researchprogramma dat twee jaar duurt) en Maastricht (mental health) valt in goede aarde: het opdoen van vaardigheden verloopt daar soepel en er is veel contact met de beroepspraktijk. De studie psychologie en geestelijke gezondheid in Tilburg doet het volgens studenten stukken minder. Ze zijn in vergelijking met hun medestudenten elders in het land minder tevreden over de inhoud van de studie en de mate waarin wetenschappelijke vorming aan bod komt.

Researchmasters

Naast de hierboven beschreven eenjarige masters, kent dit vakgebied ook veel algemene researchmasters. Deze programma’s zijn selectief en stellen flinke eisen aan je cijfergemiddelde (boven de 7,5) en ambitie, maar bieden wel vaak een opstap naar een promotieplaats. De researchmasters psychologie zijn vaak breed van opzet en áls er specialisaties zijn, herken je die vaak terug in de eerdergenoemde eenjarige masters. Een belangrijk onderdeel van een researchmaster is onderzoek: reken dus op veel statistiek en methoden en theorieën van psychologisch onderzoek. De masterscriptie neemt meer plaats in dan in het eenjarig programma en daarnaast is er veel ruimte voor een stage en/of uitgebreid onderzoek.

De onderzoeksprogramma’s doen volgens studenten precies waar ze voor staan: studenten voorbereiden op een bestaan als wetenschapper. Vooral Utrecht en Nijmegen bieden hun wetenschappers in spe een stimulerend programma: studeren op een hoog niveau en met veel aandacht voor het aanleren van vaardigheden die als wetenschapper onontbeerlijk zijn: analytisch denken, kritisch lezen, efficiënt methodologisch onderzoek doen. Andere instellingen mogen wat studenten betreft wel meer contacturen organiseren. Aan de VU (clinical and developmental psychopathology) heerst behoorlijk wat onvrede over niveau van het programma en de onduidelijke manier van toetsen.

Neuroscience

Als je interesse hebt in de werking van de hersenen, is een master in de neurowetenschappen een interessante optie. Het leeuwendeel van de masters in dit vakgebied bestaat uit researchmasters, behalve neuroscience and cognition (Utrecht) en affective neuroscience (Maastricht). Tijdens de programma’s onderzoek je de functies van het brein en vergelijk je een gezond brein met een beschadigd brein. Veelvoorkomende tracks zijn menselijk en dierlijk gedrag, cognitieve neurowetenschappen en (klinische) neuropsychologie. Deze masters laten vaak ook studenten toe van andere disciplines, zoals geneeskunde of biologie.

Een gemeenschappelijk sterk punt van de neuro-onderzoeksmasters is de uitstekende wetenschappelijke vorming. Studenten leren naar hun mening publicaties van hun collega-wetenschappers kritisch te lezen en voelen zich uitgerust met genoeg methodologische kennis voor een eigen onderzoek. De faciliteiten zijn op enkele plaatsen onderwerp van lichte kritiek: studenten noemen werkplekken voor zelfstudie en de bibliotheekvoorzieningen als verbeterpunten. In Utrecht is het gemopper steviger: daar schort het volgens de ondervraagden aan samenhang binnen het programma en zij vinden ook dat de toetsen niet goed op de stof aansluiten.

Ons advies

Eén conclusie kun je wel trekken: er valt heel wat te kiezen in de psychologie. Bedenk vooral goed wat jij met je master wilt bereiken en kijk ook eens bij de minder voor de hand liggende opties in de uiterste hoeken van het vakgebied. Zo blijken human decision science (MU) en medische psychologie (TiU) goede keuzes. Utrecht lijkt voor de brede master en voor neuro geen aanrader, maar ambieer je een carrière in de wetenschap, dan juist wel.

Keuzegids Masters 2015 Online | www.keuzegids.org