Keuzegids Universiteiten 2016 | www.keuzegids.org

Let op: deze Keuzegids is niet meer actueel. Bekijk de nieuwste versie

Taal- en Literatuurwetenschap

Vanzelfsprekend

In dit artikel worden de volgende studies besproken:

  • Taalwetenschap
  • Literatuurwetenschap

“Hi, vanaaf heb ik ff geen zin om naar de UB te gaan; ik ga soggen”. Als taalwetenschapper kun je dergelijk taalgebruik van jonge whatsappers onderzoeken. Maar je kunt ook de link leggen tussen taal en (neuro)psychologie door te bestuderen hoe spraak van mensen met dementie verandert. Als literatuurwetenschapper pak je eerder het boek Hersenschimmen van Bernlef erbij en ga je op zoek naar verbanden tussen het verhaal en vergelijkbare voorbeelden uit de samenleving.

Arbeidsmarkt

Het werkveld van een taalkundige hangt af van zijn of haar specialisatie. Zo kun je aan de slag in de geestelijke gezondheidszorg of doe je onderzoek naar taal- en ontwikkelingsstoornissen. Ook zien we oud-studenten terug als docent Nederlands en in de journalistiek. Literatuurwetenschappers vinden een baan bij een uitgeverij, in de media of in het onderwijs. Hoewel de voorspellingen niet heel negatief zijn, is de werkloosheid momenteel vrij hoog in vergelijking met andere studies. Starters die het wel lukt om een baan te vinden, werken vrij vaak onder hun niveau tegen een matig salaris.

Locaties en toelating

Voor een studie taalwetenschap kun je op een van de brede, klassieke universiteiten terecht: Nijmegen, Groningen, Leiden, Amsterdam en Utrecht. Literatuurwetenschap kun je studeren in Utrecht (UU) of in Amsterdam – aan de UvA of de VU. Bij beide studies word je met elk vwo-profiel toegelaten, zonder eisen aan je eindexamenvakken. Maar kennis van vreemde talen is natuurlijk wel erg handig.

De VU heeft ook taalkundige richtingen (taalontwikkeling en tweedetaalverwerving), maar daar zijn ze ondergebracht bij communicatie- en informatiewetenschap (CIW).De Universiteit Leiden heeft bovendien film- en literatuurwetenschap: zie daarvoor het artikel kunst- & cultuurstudies in hoofdstuk C.

De opleidingen

Welke rol speelt ons brein bij het praten? Hoe ontwikkelt taal zich van baby tot bejaarde? En hoeveel jongeren spreken nog dialect? Dat zijn vragen waar taalwetenschappers antwoord op proberen te vinden. Maar voordat het zover is, leer je de basis van de taalkunde: hoe letters, woorden, zinnen en klanken onze taal vormen. Met wiskundige precisie ontleed je taal en zijn structuur.

Zodra je weet hoe taal is opgebouwd, kun je kijken naar het effect ervan. Welke manier van communiceren zorgt bijvoorbeeld voor een goede relatie tussen arts en patiënt? Dit leer je door grondige gespreksanalyses te maken en daar conclusies uit te trekken. Je moet het dus leuk vinden om het gesproken woord uit te schrijven, te categoriseren, te calculeren en te beredeneren. Dat is soms monnikenwerk.

De vijf universiteiten die taalwetenschappen aanbieden, hebben verschillende programma’s, keuzemogelijkheden en aansluitend masteraanbod. Groningen combineert neuro- en psycholinguïstiek met theoretische taalkunde; je kunt je in een van beide specialiseren. Studenten met een theoretische interesse kiezen na de bachelor vaak de master Europese taalkunde. De mensen met voorliefde voor de neuro-kant van taal stromen vaak door naar de master neurolinguïstiek.

Leiden heeft maar liefst vier taalspecialisaties, namelijk: cognitie, communicatie, beheersing en vergelijking. Bij de laatste ligt de focus op het vergelijken van de eeuwenoude Indo-Europese taal. Nijmegen besteedt veel aandacht aan taalwetenschappelijke projecten, in het zogenaamde LingLab. Ook zijn er diverse minors, zoals taal en imago, taal- en spraakpathologie en technologie en informatie. Utrecht biedt pakketten met vier passende vakken op het gebied van taalvariatie of het menselijk taalvermogen. De UvA onderscheidt zich met wetenschapsfilosofie en heeft de track ‘gebarentaalwetenschap’.

Bij literatuurwetenschap is lezen een belangrijk onderdeel van je studie. Maar zet je brein dan gelijk op scherp voor de analyses en de vergelijkingen die je moet maken. Niet alleen Nederlandse literatuur komt aan bod, maar werken van over de hele wereld, uit verschillende tijden en in diverse genres. Bovendien moet je je goed kunnen inbeelden wat de relatie tussen bepaalde literatuur en de maatschappij is.

Die focus is bijvoorbeeld sterk aanwezig bij de variant literatuur en samenleving aan de VU. Daar krijg je vanaf het tweede jaar de trajecten Nederlands/Vlaams- of Engels/Amerikaans. In het vierde jaar bepaal je of je afstudeert op het gebied van uitgeverijen, e-cultuur, visuele media of Amerikaanse cultuur. Utrecht en de UvA hebben diverse keuzevakken, zoals cultuurstudies, geschiedenis, andere talen en filosofie. UU biedt de minors world literature en literature in conflict aan.

De kwaliteit van de opleidingen

klik om de volledige tabel te bekijken
Ranglijst
Feiten Prestaties Oordelen Score
Taal- & literatuurwetenschap
Voertaal
Bindend studieadvies
Numerus fixus?
Instroom
Survival 1e jr
Genoeg contacturen?
Inhoud
Docenten
Vaardigheden
Wetenschappelijke vorming
Studielast
Informatie
Faciliteiten
Expertoordeel
TOTAALSCORE
OORDEEL
Taalwetenschap
Leiden UL nl 45 nee 61 ++ o + + - o + - + o 68 +
Nijmegen RU nl 40 nee 66 nb o + + o + o o o + 68 +
Amsterdam UvA nl 48 nee 30 nb - + + o o + o + o 66 +
Utrecht UU nl 45 nee 35 - - + + - o + o o ++ 64 o
Groningen RUG 45 nee 45 ++ - o o - - - ++ o o o 60 o

Bij kleine studentenaantallen zijn de gegevens van meerdere jaargangen gebundeld. Succescijfers zijn van zeer kleine of jonge opleidingen niet te berekenen (nb). Voor toelichting en bronnen zie www.keuzegids.org/methodiek

Alle symbolen (+, - en o) geven aan hoe een opleiding scoort vergeleken met het gemiddelde van alle voltijd-opleidingen in het wo:
- - - = zwakste groep, - - = zwakke groep, - = iets lager dan gemiddeld, o = gemiddeld, + = beter dan gemiddeld, ++ = sterke groep, +++ = sterkste groep
De 'totaalscore' en het 'oordeel' vatten alle cijfers samen. De beste opleidingen herken je aan ++ of +++

De drie koplopers van de studie taalwetenschappen liggen qua prestaties en studentenoordelen niet ver uit elkaar. De studenten uit Nijmegen, Leiden en Amsterdam (UvA) vinden zowel de kwaliteit van het programma als die van de docenten ‘om over naar huis te schrijven’. De experts zijn het met de Nijmeegse studenten eens en zo verdient de RU een bovengemiddelde waardering.

Utrecht wordt ook geprezen om de goede en kundige begeleiding van docenten. Daarbij krijgt deze universiteit behoorlijk veel lof van de experts. Toch scoort Utrecht niet bijster hoog, wat enerzijds komt door de relatief hoge eerstejaarsuitval en anderzijds door tegenvallende mogelijkheid voor studenten om beroepsvaardigheden op te doen.

In Leiden stromen wel veel eerstejaars probleemloos door. Maar over de gehele studie gezien, wensen de studenten meer aandacht voor beroeps- en communicatievaardigheden. Verder zouden de roosters vrij laat bekend worden gemaakt en is de informatie over regels en procedures magertjes. De studenten van de UvA vinden het aantal contacturen aan de lage kant. Dat geldt ook voor Utrecht en Groningen. In het noorden compenseren ze dit met een prima samenhang van het programma en goede spreiding van de studielast over het jaar.

Ook voor literatuurwetenschap krijgt Utrecht veel waardering van de experts. De studenten loven een spreekwoordelijk gouden griffel uit aan de docenten, maar zijn ook heel erg tevreden met de inhoud van het programma en de studielast. Er is wel wat gemopper over het opdoen van beroepsvaardigheden en over de faciliteiten.

De deskundigen van de NVAO waren in 2014 niet tevreden over de kwaliteit van de scripties aan de VU, waarmee ze het eindniveau van afgestudeerden betwistten. De studie bevindt zich daarom in een herstelperiode, waarin ze volgens een opgesteld plan de beoordelingen mogen verbeteren. De studenten zijn over het algemeen tevreden, met extra waardering voor de docenten en de netjes gespreide studielast.

De UvA heeft flink wat verbeterpunten. Zo hebben de studenten behoefte aan meer contacturen, heldere informatie over hun studievoortgang en een betere samenhang van het programma. Minstens zo belangrijk: er mag meer aandacht besteed worden aan het onderwijs in beroeps- als onderzoeksvaardigheden.

Verwante studies

Ons advies

Voor taalwetenschap zit je goed in Nijmegen, Leiden en bij de UvA. Kwalitatief lopen zij niet ver uiteen, hoewel de Radboud Universiteit iets meer nadruk lijkt te leggen op het wetenschappelijke. Utrecht blinkt uit met literatuurwetenschap; inhoudelijk een zeer sterke studie. De VU is een redelijk alternatief, maar de UvA raden we je voor deze richting niet aan.

Keuzegids Universiteiten 2016 | www.keuzegids.org