Keuzegids Universiteiten 2016: Berekeningswijze en normen

online versie


Het boek:

bestel 2018
november 2017


bestel 2017
direct leverbaar

Voor de ranglijsten van de Keuzegids zijn originele gegevens omgerekend naar een 7-puntsschaal, die loopt van (- - -) via o tot (+++). Deze dienen te lezen worden als scores van 0 t/m 6. De uiterste klassen worden slechts in enkele gevallen benut. Meestal is er dus sprake van een 5-puntsschaal (1 t/m 5). Per type gegevens lichten wij hier de berekeningswijze en de gehanteerde normen toe:

1. Klassengrenzen 'survival 1e jaar

Elke opleiding krijgt plussen en minnen toegekend, volgens onderstaande normen:

Let op: De symbolen '- -' en '++' zijn geen absolute kwaliteitsoordelen. Ze geven aan dat een opleiding (zeer) duidelijk lager of hoger wordt beoordeeld dan het landelijke wo-gemiddelde.

2. Berekening en klassegrenzen studentenoordelen

De studentenoordelen zijn gebaseerd op resultaten van de Nationale Studentenenquête 2015. Het betreft eigen selecties en bewerkingen van deze oordelen, afkomstig uit het "landelijk benchmarkbestand" over NSE2015. De oordelen zijn niet 1-op-1 af te leiden uit publicaties zoals die op de website Studiekeuze123.

Wij geven hier de essentie van onze bewerkingen en normen weer, als verantwoording voor een breed publiek. Voor instellingen die interesse hebben in gedetailleerde rapportage over sterke en zwakke punten van opleidingen (inclusief meerjarige trend) bestaat de mogelijkheid om speciale benchmarkrapporten te bestellen bij het Centrum Hoger Onderwijs Informatie.

Onze bewerking van de studentenoordelen omvat de volgende stappen:

  • 1. Opschonen van het bestand (alleen studenten die minstens 31 van 37 relevante vragen beantwoordden, zijn meegeteld)
  • 2. Berekening van gemiddelde vraagscores per opleiding, voor de overgebleven respondenten
  • 3. Berekening landelijk Wo-gemiddelde per vraag - met weging op basis van populatieverhoudingen
  • 4. Selectie van 37 representatieve vragen, met optimale aansluiting op vragen uit het verleden
  • 5. Schrappen of bundelen van alle oordelen met te kleine steekproef of te grote onbetrouwbaarheid
  • 6. Ordening in 10 thema's + berekening van themascores per opleiding/groep opleidingen
  • 7. Verdere bundeling tot 6 hoofdthema's + een apart thema 'contacturen'
  • 8. Bepaling klassengrenzen per hoofdthema, voor +/- scores in de Keuzegids
  • 9. Toepassing klassenindeling
  • 10. Controle kansverdeling

In stap 1 en 5 zijn wij strenger dan de officiële rapportages over de Nationale Studenten Enquête. Dit betekent dat op de websites van Studiekeuze123 en NSE Online opleidingen een oordeel krijgen op een volgens ons te smalle statistische basis.

In stap 4, 6 en 7 proberen wij uit een veelheid van enquêtevragen de essentie over onderwijskwaliteit te destilleren - en wel zodanig, dat dit ook aansluit op kwaliteitsthema's uit het verleden.

Met stap 1, 2 en 6 tenslotte vermijden wij dat de beoordeling van opleidingen wordt vertekend door verschillen in wel/niet beantwoorde vragen (anders kan een opleiding ervan profiteren als een 'lastige' vraag enkele malen niet beantwoord is)

Hierna focussen wij op de thema-indeling en de klassengrenzen. Allereerst wordt hier de selectie en thema-indeling van vragen toegelicht:

Alle oordelen zijn steeds vergeleken met het landelijke WO-gemiddelde. De scores zijn weliswaar afgeleid van de 5-puntsschaal van de Nationale Studentenenquête, maar in de Keuzegids worden de verschillen uitvergroot. Hier geven wij de klassengrenzen per hoofdthema. De breedte van de kwaliteitsklassen is ontleend aan de spreiding van alle oordelen. Bij het thema 'Ínhoud' zijn de kwaliteitsklassen 0,203 punt breed; bij 'wetenschappelijke vorming' is dit 0,30 punt.

Voor alle hoofdthema's geldt een vergelijkbare kansverdeling van de verschillende scores. Elke opleiding heeft bijna 40% kans op een gemiddelde score (o), twee keer bijna 25% kans op een enkele min of plus, en twee keer ruim 5% kans op een dubbele min of plus. De kans op de extreemste scores (3 min of 3 plus) ligt rond de 1 procent.

Hieronder geven wij ter illustratie de frequentieverdeling van alle oordelen:

 

3. De expertoordelen: twee soorten NVAO-besluiten

Het 'expertoordeel' in de Keuzegids is gebaseerd op de oordelen uit NVAO-accreditatiebesluiten.

Vanwege de geleidelijke vernieuwing van het accreditatiestelsel (oude oordelen blijven doorgaans zes jaar geldig!), hebben we te maken met drie soorten besluiten, met elk een verschillende set aspectoordelen. Hoe wij hiermee omgaan, wordt toegelicht op een aparte pagina

 

4. Berekening totaalscore per opleiding

De totaalscore van elke opleiding wordt berekend op grond van de scores op de tien deelonderwerpen. Daarbij telt elk onderwerp even zwaar mee. Dit is de formule:

Totaalscore = Som (deelscores) x 2

Het resultaat is een cijfer op een schaal van 0 tot 100.

In de praktijk ligt de laagste score in deze gids op 30 en de hoogste op precies 100.

De gemiddelde opleiding scoort ongeveer 61 punten.

5. Gewogen scores per instelling

Voorin deze Keuzegids staan ook ranglijsten met totaalscores voor complete instellingen. Maar hoe kan je instellingen met een heel verschillend studie-aanbod op een eerlijke manier met elkaar vergelijken? Dat wordt gedaan met een speciale berekening:

stap 1: vergelijking met verwante opleidingen

We kijken eerst van elke opleiding of die hoger of lager scoort dan het gewogen* gemiddelde van zijn eigen groep verwante studies. Dat levert een verschilscore op.

stap 2: elke opleiding weegt zo zwaar als hij groot is

We berekenen een gewogen* instellingsgemiddelde

(*weegfactor is de instroom van de opleiding)

Instellingsscore = Som (verschilscore x weegfactor) voor alle opleidingen.

Voorbeeld: een universiteit heeft drie opleidingen:

- Geneeskunde scoort 66 punten, 4 punten onder het Geneeskunde-gemiddelde. De instroom is 200.

- De opleiding Nederlands scoort 68 punten, 6 punten boven het gemiddelde. De instroom is 100

- De opleiding Psychologie scoort 64 punten, vier punten boven het gemiddelde. Deze opleiding telt 400 eerstejaars.

De berekening gaat nu als volgt:

- Geneeskunde: - 4 x 200 = - 800 punt

- Nederlands.: + 6 x 100 = + 600 punt

- Psychologie: + 4 x 400 = +1600 punt

Totaal: 1400 punten / 700* = + 2 punten

*) 700 = de optelsom van de drie instromen.

Dit getal wordt opgeteld bij de gewogen gemiddelde totaalscore van alle opleidingen. Dit gemiddelde is 61 punten. De totaalscore van de instelling voor de ranking is dan 61 + 2 = 63 punten.

NB: op dezelfde wijze zijn de scores per faculteit/sector berekend, die de basis vormen voor de +/- scores in de overzichtstabel op pagina 9. 

Winkelwagentje: geen artikelen

Bestellen

Webwinkel


Keuzegids Online

Belangrijke informatie
Laatste nieuws

  • Samenwerking Keuzegids en DeDeca...

    De Keuzegids werkt vanaf dit schooljaar samen met DeDecaan.net. Alle scholen die gebruik maken van het LOB-pluspakket van DeDecaan.net hebben daardoor ook toegang tot de onafhankelijke keuzegidsbeoordelingen van de vervolgopleidingen.

  • Online Keuzegids bij veel univer...

    Doorstuderen na je bachelor? Hulp nodig bij het kiezen? Kijk eens in de Keuzegids. De meeste universiteiten en veel hogescholen bieden gratis toegang tot de online versie van de gids.

  • Vernieuwing Keuzegids Online

    De online Keuzegids groeit en dus gaan we hem verder vernieuwen. Er wordt hard gewerkt aan een modernere opmaak en navigatie. En voor middelbare scholen gaan we ons aanbod sterker koppelen aan het portal DeDecaan.net.


Meer nieuws

 
 

Aanmelden nieuwsbrief

Kwaliteitszegel

Werkt u bij een opleiding die positief in de Keuzegids is beoordeeld? Dan mag u het Keuzegids kwaliteitszegel gebruiken »


Webhosting door bHosted.nl